Begrippenlijst

Een bijbelse begrippenlijst met 120 items is een lijst die ontstaat door logica. Een logica die ontstaat door zelfstandig en grondig na te denken bij het onderzoeken van de bijbel. Dit leidt tot bijbelse begrippen die niet altijd letterlijk in de bijbel staan. Ook heeft een bijbels begrip hier een heel andere uitleg en context dan wat denominaties fabriceren. Iedere denominatie bestaat namelijk louter uit fantasie en verzinsels. Een voorbeeld van zo'n logisch begrip is ‘atomair stof’ of het hele bekende begrip 'geloof/geloven'. 

Alle onderstaande 120 kernbegrippen staan in deze download – 9 A4.

De grondtaal corrigeert de theologische wanorde, 29 bijbelcorrecties 

120 Kernbegrippen Pdf

PDF – 467,8 KB 2 downloads

Teksten Met Strongs Pdf

PDF – 309,5 KB 1 download

De begrippenlijst alfabetisch geordend. 

  • 30 dagen (Dan. 12:11): 1290 - 1260 = 30 dagen waarin de wereldbevolking exact halveert. Het begint met een stilte van een half uur (Op. 8:1), wat omgerekend exact 17 dagen duurt (Op. 6:8). Daarna barst de echte Apocalyps los waarin de andere schapen (Joh. 10:16) sterven en worden weggeraapt voor het onheil.
  • 50 👉 5/50 betekent genade: De zondeval tot aankomst Kanaän beslaat exact 2450 jaar (50 jubelperioden). De oogsttijd bij aankomst dateert ook de val. Pinksteren (50 dagen na de opstanding) is de uitstorting van de Heilige Geest. Johannes 8:57 koppelt 50 aan de wijze leeftijd: “U hebt Abraham gezien?” 
  • 70 (Daniël 9): de 70 weken beslaan uitsluitend de periode tot Jezus' dood. Daniël zocht in Jeremia 25 naar de 70 jaren; dit is de symboliek voor de periode ná de aankomst bij Kanaän in 2450AM. 50 + 70 jubelperioden brengt dit op Genesis 6:3, de tijd van Zondeval tot Eindtijd. De 40 jaar straf komt erbij.
  • 1000-jarig rijk: een betere naam: het rijk der hoogmoed. De hoogmoedige engelen zijn opnieuw de sterfelijke mensen in deze periode en ontwikkelen zich van 1 of 2 koppels tot een wereld vol. Door het gemis aan ellende zal de hoogmoed welig tieren en kent deze periode amper zielen die verlost worden.
  • 1260 dagen (Op. 12:6): De periode waarin de vrouw (Gods gemeente, bestaande uit één, maximaal twee koppels) door Zijn Hand (Daniël 7:25) in de woestijn wordt beschermd en gevoed. Deze periode van 1260 dagen loopt parallel aan de verdrukkingstijd.
  • 1260 dagen (verdrukkingstijd): Gekoppeld aan het zevende zegel en de drie Wee-bazuinen (Op. 8:13). Henoch en Elia houden de regen tegen. Dit is de ergste periode ooit, waarin alle hoogmoedigen (antichrist, wereldleiders) fysiek worden gedood om de hardnekkige hoogmoed definitief te breken.
  • 1290 dagen: de periode dat de mensheid het leven zal verliezen op enkele personen na (opname in de lucht). 1290 (Daniël 12:11) is opgebouwd uit: 30 + 1260. 30 de periode van de dood van alle nederigen vóór het ónheil. 1260 dagen: de periode van het ónheil, de dood van de hooghartigen.
  • 1335 dagen (Daniël 12:12): 1335 - 1290 (de stop van het dagelijkse offer) = 45 dagen. Dit is de tijd die God nodig heeft om de aarde te zuiveren van de nucleaire straling (Micha 1:1-6) en het 1000-jarig rijk weer volledig te voorzien van de nieuwe fauna en flora voor de vrouw uit Openbaring 12:6 – 1 maximaal 2 koppels. 
  • 2300 avonden-morgens: Exacte periode van de Covid-19 plaag (16-12-2019 tot Goede Vrijdag 3-4-2026). Na precies 2300 dagen stopte deze wereldwijde vervuiling van de hoogmoed abrupt. De grondtaal (nitsdaq) bewijst Gods wetmatige reiniging van de aarde in de praktijk.
  • 144.000 (eerstelingen): Israël en de stammen zijn de symbolische weergave voor het derde uitverkoren volk: de zwervers uit alle natiën. Het zijn de minst bedeelden onder de nederigen. Nederigheid dwingt genade af bij God; Jezus verwijst naar deze groep in Lucas 14:13.
  • 430 jaar (Ex. 12:40, Gal. 3:17): Abraham 70 jaar (Boek der Oprechten 13:17), Gods belofte tot op de dag exact, dus de Exodus was de laatste dag van deze belofte.
  • 400 jaar (Gen. 15:13, Hand. 7:6): het vreemdelingschap van het nageslacht begon met de geboortedag van Izaäk, op de 100e verjaardag van Abraham, en exact 400 jaar later, op de dag precies, was de Exodus. 
  • Aarde (als materie): de tastbare substantie van de schepping, opgebouwd uit atomair stof (zie kernbegrip). Deze materie is gevormd tot allerlei dieren en planten (Genesis) en deze materie vormt onophoudelijk een nieuw organisme om als laatste organisme een sterfelijk mens te vormen.
  • Aarde (verlossingsplaats): de aarde is het fysieke podium en de leerschool waar verlossing plaatsvindt voor de gevallen engelen. Binnen een tijdperk krijgt een entiteit slechts één mogelijkheid om een sterfelijk mens te worden ("tot het licht van het leven te komen") en de noodzakelijke nederigheid te betonen om hemelwaarts te mogen trekken. Hoewel een tijdperk meerdere generaties omvat, is de menswording per entiteit strikt eenmalig per tijdperk.
  • Adam: de eerste gevallen engel die mocht downcyclen (incarneren) in een sterfelijk mens.
  • Andere schapen: De niet-gelovige nederigen (Johannes 10:16) die tijdens de eerste vier bazuinen door natuurrampen worden gedood en daarna door het vuur heen gered worden (1 Korinthe 3:11-15). Dit is het derde deel dat nog gelouterd moet worden (Zacharia 13:9) om hen te beschermen tegen het eigenlijke ónheil van de wee-bazuinen.
  • Antichrist: Johannes verwijst reeds naar de antichrist in zijn tijd (1 Johannes 2:18-19, 4:3); deze is in essentie hetzelfde als de valse profeet. In de verdrukkingstijd gaan ze tegen elkaar strijden met hun leugens en verzinsels, een strijd veelal met de dood als gevolg, geestelijk en lichamelijk.
  • Apocalyps: De periode waarin uitsluitend de eerste vier bazuinen optreden in de vorm van wereldwijde natuurrampen. Deze rampen veroorzaken de fysieke dood van de ongelovige nederigen, de 'andere schapen', om hen te louteren en weg te nemen vóór het eigenlijke ónheil losbarst.
  • Apocriefen: Door menselijke concilies en theologische willekeur buiten de canon geplaatste geschriften. Ze bevatten vaak cruciale sleutels over de tijdperken, genealogie en de engelenval die de theologie niet wil zien. Het zijn juist de apocriefe geschriften zoals het Boek van Henoch en Jasher, die de bijbel completeren. 
  • Atomair stof: het materiaal waaruit de aarde bestaat. Dit materiaal is afkomstig van de gevallen engelen, geworpen in de aarde om te sterven als een mens. 
  • Babel: Symboliek voor de georganiseerde religieuze hoogmoed en dogmatische misleiding. De koning van Babel (Satan, Jes. 14:12-14) belichaamt de eerste hoogmoed: zichzelf gelijkstellen aan God. Babel is de verstandelijke torenbouw van de mens via denominaties en de valse profeet, wat leidt tot geestelijke verwarring en verleiding.
  • Bazuinen: De zeven opeenvolgende rampen (Openbaring 8-11). De eerste vier bazuinen vormen een genadige loutering ("wassen met vuur") voor de ongelovige nederigen die als "het derde deel (Zacharia 13:9)" worden weggenomen; de laatste drie bazuinen (de wee-bazuinen) voltrekken het eigenlijke ónheil over de hoogmoedigen.
  • Bijbel: een incomplete verzameling oude boekrollen en brieven. Ondanks manipulaties en vertaalfouten om dogma's te dienen, worden al de verschillende bijbels door christenen als heilig beschouwd. Pas door zelfstandig, logisch onderzoek en vergelijking kan de werkelijke context van Gods plan ontrafeld worden.
  • Bijbelse Chronologie: De werkelijke, wiskundige tijdsrekening op basis van de genealogie en de regeerperioden van koningen, met als specifieke doelstelling te kunnen doorgronden hoe lang geleden de zondeval is geweest. Deze periode is vanaf de zondeval tot de dood van Achab telt exact 3042 jaar, wat volgens onze huidige tijdsrekening uitkomt op 853 v.Chr.
  • Bruid van Christus: een niet-bestaand theologisch verzinsel. De kerk gebruikt dit om 'gelovigen' een uitverkoren status toe te dichten. Dit is een misleiding: niet dogmatisch geloof, maar nederigheid staat centraal. Zoals geschreven staat in Jacobus 4:6 en 1 Petrus 5:5: God weerstaat de hoogmoedigen, maar de nederigen geeft Hij genade.
  • Dagelijks offer (Daniël 12:11): Het stille gebed van de nederige mens in het verborgene. Dit wordt gestopt doordat alle nederigen—gelovig én ongelovig (ongelovig: andere schapen Joh. 10:16)—in 30 dagen tijd worden gedood. Daarna start de 1260 dagen grote verdrukking om de overgebleven hoogmoed te breken.
  • Denominatie: een religieuze organisatie met strikte, onomstotelijke regels en dogma’s waaraan een volgeling zich onvoorwaardelijk moet onderwerpen. Wie de regels niet accepteert, hoort er niet bij. Het vervangt het zelfstandig en logisch onderzoeken van Gods plan door een verplichte gehoorzaamheid aan de eigen kerkleer.
  • Derde dood: de derde dood is de laatste dood. Deze dood geldt voor de leiders van de gevallen engelen. Als ze na deze derde dood opstaan uit het graf, dan zal iedere leider uit vrije wil zijn/haar knie buigen en in volle nederigheid met God gaan wandelen – Micha 6:8.
  • Dienen: Heb je naaste lief als jezelf vraagt een dienende houding. Ook in de eeuwigheid mag je jezelf liefhebben, mits je je naaste met dezelfde liefde omarmt. De hoogste in het Godsrijk is aller dienaar (Mattheüs 23:11, Marcus 9:35, Mattheüs 20:26-27).
  • Dodenrijk: het dodenrijk kent drie plaatsen: A. Een plaats van licht voor de rechtvaardigen. B. Een plaats van loutering voor de onrechtvaardigen. C. Een plaats voor de zondaars die opnieuw moeten beginnen met de reinigingsprocedure. De Openbaring van Paulus vertelt alles.
  • Dood: zowel de geestelijke dood als de lichamelijke dood is het verworden tot atomair stof, ook atomen genoemd. We kunnen de volgende vormen van dood onderscheiden: de eerste dood, de tweede dood en de derde dood. Daarna is er voor iedereen, ongeacht de val, het eeuwige leven. 
  • Downcycling: Het origineel gaat verder in verminderde setting. De gevallen engelen worden gevormd in allerlei aardse vormen die onophoudelijk wisselen van organisme: ieder organisme sterft of slijt en wordt weer opgenomen in veel andere organismen.
  • Druivenoogst (Deuteronomium 16 / Johannes 5:28-29 / Openbaring 20:12). De zware najaarsoogst die aansluit op het 1000-jarig rijk (het Eindoordeel bij de grote witte troon). Druiven geven hun sap pas af onder de zware druk van de perskuip: het is de massale loutering waarin eenieder wordt gezuiverd en geoordeeld op daden van liefde en nederigheid.
  • Duisternis: Het absolute tegenovergestelde van licht en liefde. Waar licht en liefde het vermogen hebben om te creëren, bezit de duisternis uitsluitend het vermogen tot leed en vernietiging. Het aardse, vleselijke principe van 'eten en gegeten worden' is het directe handwerk van de satan.
  • Eerste dood: de eerste dood is ontstaan door het oordeel van God: jullie zullen sterven als een mens (Psalm 82:7). Deze zonen van de Allerhoogste zijn geworpen in de aarde (Openbaring 12:9), alwaar ze vormloos werden door hun hoogmoed (Genesis 1:2).
  • Eerste opstanding - Godsknechten (Openbaring 6:9-11 / Openbaring 20:4). De specifieke groep getuigen en martelaren die de volle loutering hebben doorstaan en niet voor de leugen zijn gebogen. Zij worden waardig geacht om te regeren tijdens het 1000-jarig rijk.
  • Egypte: Symboliek voor de materiële leerschool en de afdaling in het vleselijke ego. Zoals God eerst het kwaad schiep (Jes. 45:7) en Jezus als zuigeling naar Egypte afdaalde (Matt. 2:15), zo moet het godsvolk de vleselijke slavernij doorleven om via loutering rijp te worden voor de Exodus (geestelijke verlossing).   
  • Eindtijd: Een vastgestelde periode aan het einde van een 'generatie' waarin bijna de gehele mensheid sterft. De eindtijd van onze 'generatie' heeft een totale tijdsduur van 1290 dagen: de eerste 30 dagen markeren de dood van de nederigen vóórdat het onheil losbarst, waarna het onheil gedurende de overige 1260 dagen plaatsvindt.
  • Engelen: Het 2/3 deel fungeert als onzichtbare toeschouwer rond het 1/3 deel (gevallen engelen). Zij grijpen niet in, maar rapporteren dagelijks om A) het levenslot (hoogmoed vs. nederigheid) vast te leggen, en B) te bewijzen dat Gods enige wet van liefde dé voorwaarde is voor eeuwige vrede.
  • Erfzonde: de leugen van de theologie. Erfzonde wordt bijbels weerlegd door Ezechiël 18; schuld is niet overdraagbaar. De erfzonde is persoonlijk: jij bent de gevallen engel die zijn eigen hoogmoed en schuld heeft meegenomen toen je door ijdelheid de aarde meevormde (Genesis 1:2).
  • Ervaring: Zonder kwaad is vrije keuze voor de liefdewet onmogelijk. God schiep het kwaad en de val was onvermijdelijk door de vrije wil. Samen met hun wachters leren gevallen engelen en mensen (mensen zijn gevallen engelen) door deze praktijkles wat hoogmoed aanricht, om zo de vrede in de eeuwigheid te waarborgen.
  • Eva: Het nemen van de verboden vrucht is een geplande daad. Deze daad was noodzakelijk om iedere gevallen engel uit vrije wil te laten kiezen voor nederigheid of hoogmoedigheid.
  • Evangelie: De 'goede boodschap' bestaat niet. Er is maar één evangelie, het evangelie van nederigheid. Dit evangelie kan niet verkondigd worden, maar moet worden geleefd door Jezus na te doen. Hij is het zaligmakende voorbeeld. De evangelie-verkondigers krijgen te horen: ga heen ik ken je niet (Mattheüs 7:21-23). 
  • Exodus: Symboliek voor de definitieve ingang van het godsvolk in het Hemelrijk. De 4 generaties (Gen. 15:16) vormen de profetische blauwdruk: historisch (Jakob, Levi, Jochebed, Mozes), én kosmisch (drie tijdperken van loutering op aarde, met de vierde fase als het hemelse eindstation). De uittocht uit het vleselijke ego naar eeuwige vrede.
  • Geest: het onzichtbare wezen gezien vanuit de aarde, maar tevens is het God, de onzichtbare Geest in de kosmos. 
  • Gehenna: historische vuilnisbelt die door Jezus als symbool werd gebruikt omdat men toen de fysieke aarde nog niet begreep. Waar de theologie er een misleidend angstdogma van maakte, verwijst het in werkelijkheid naar de zuiveringsplek onder onze voeten: de hel is letterlijk het binnenste van de aarde.
  • Geloof / geloven:: het tegenovergestelde van weten. Het staat gelijk aan twijfel, wat onrust veroorzaakt als golven van de zee (Jakobus 1:6). Waar denominaties blind geloof eisen, roept de Bijbel op tot onderzoek (1 Kronieken 28:8, 1 Thessalonicenzen 5:21). Echte rust ontstaat pas wanneer onderzoek leidt tot de zekerheid van weten (Job 5:27).
  • Generatie: Jezus verwijst naar deze 'generatie' (Mattheüs 24:34), de periode vanaf de Zondvloed tot het 1000-jarig rijk. De theologie maakt hier 'geslachten' van omdat ze de bijbel niet begrijpen c.q. doorlopend manipuleren.
  • Gerechtigheid: Dit is in het Godsrijk volledige nonsens, want daar geldt maar één wet: de wet van de liefde. Mensen worden door de theologie voorgelogen over de Nieuwe Aarde, want daar zwaait Satan nog gewoon de scepter.
  • Gerstoogst: de eerste van de drie bijbelse oogstfeesten (Exodus 9:31). Gerst is een uitermate sterk graan dat in het najaar wordt gezaaid en de barre winterkou overleeft. Dit staat symbolisch voor de opstanding van de getrouwen en 'heiligen' (Mattheüs 27:52–53) die door alle omstandigheden heen trouw bleven aan God en als eersten opstaan uit de dood.
  • Getuigen: Religies leren dat je moet getuigen over Jezus, maar dat is een grote blunder. Het gevolg van dat getuigenis is dat je een theologische leugen uitkraamt, met als gevolg dat Jezus zegt: ‘Ga weg van Mij, Ik ken u niet, gij werker der ongerechtigheid’ (Mattheüs 7:23).
  • Gevallen engelen: Het derde deel van de engelen dat met Satan de mislukte staatsgreep pleegde (Openbaring 12:4). Zij vormen de overgrote meerderheid van de sterfelijke wereldbevolking en doorlopen het proces van downcycling om via de materie de les van de nederigheid te leren
  • God: de Schepper van Goed en Kwaad. Zijn plan was al bekend vóórdat er ook maar iets was gecreëerd (Jesaja 46:9-10 & Jesaja 25:11) en Zijn doelstelling is eeuwige vrede vóór ieder schepsel. Deze doelstelling wordt gehaald met behoud van de vrije wil.
  • Goden: Gods kinderen, kinderen des Allerhoogste (Ps. 82:6, Joh. 10:34). Vanwege hooghartigheid tijdelijk als een sterfelijk mens gevallen, maar door deze noodzakelijke leerschool van de dood worden juist zij in het eeuwige, oneindige tijdperk Hemel dé verkondigers van de eeuwige vrede.
  • Gods Tijdsrekening: De kosmische tijdsordening gebaseerd op jubelperioden en de formule dat 1 dag gelijkstaat aan 1000 jaar (Efeze 4:26). Dit rekent met 49.000 kosmische jaren per cyclus. Gekoppeld aan het Evangelie van Nicodemus (5.500 perioden) geeft dit exact 269.500.000 jaar tot de komst van Jezus.
  • Graf: het graf is altijd de toestand van 'begraven zijn in de aarde', dus het verworden tot atomair stof om elders weer een organisme te vormen, het proces downcycling is een proces dat is ontstaan al voor de vorming van de aarde en loopt door tot en met het moment dat Satan zijn knie buigt over pak-em-beet een half miljard jaren.
  • Half uur stilte (Op. 8:1): deze stilte ontstaat tijdens de uitvoering van zegel 4 en 5. Engelen verrichten hun werk op aarde en kunnen maar op één plek tegelijk zijn. Omgerekend naar menselijke tijd duurt dit bijna 18 dagen: (49 x 365) / 1000 = 17,88 dagen, waarin 25% van de mensheid wordt opgenomen in het dodenrijk. Een half uur stilte vóór de 7 bazuinen. 
  • Heilige Geest: God is de Heilige Geest. Er is maar één God en Jezus is het tijdelijke beeld van Hem. De drie-eenheid is een leugen verzonnen door de katholieken van het eerste uur. Waartegen de hoogmoedige zonde gepleegd wordt.
  • Hel: het fysieke binnenste van de aarde (vuur ruim 5000 °C, 90% van al het zwavel). Jezus gebruikte 'Gehenna' als symboliek, omdat men de fysieke aarde toen nog niet begreep. Als onderdeel van het Dodenrijk heeft de hel niet als doel de dogmatische 'eeuwige straf', maar feitelijke zuivering.
  • Hemel: Gods scheppingswerk is pas af als de Nieuwe Hemel er is. De huidige Hemel (Kosmos/Universum) is vervuild door hoogmoedigheid. Pas als iedereen uit vrije wil de knie buigt en Gods enige wet van liefde wil leven, is de schepping van Gods Koninkrijk volledig gerealiseerd.
  • Hoogmoedigheid: jezelf hoger achten dan je naaste, waardoor de ander niet meer echt wordt gezien. Het is de ultieme vorm van liefdeloosheid, waarin de mens zichzelf boven de medemens verheft en zo de essentie van Gods plan uit het oog verliest.
  • Incarnatie: vleeswording. Het gericht binnentreden van een geest (zoals Jezus, de Godsknechten en de lichtengelen) in een sterfelijk, menselijk lichaam binnen een specifiek tijdperk, om een goddelijke opdracht of leerproces te volbrengen.
  • Jaar (goddelijk): opgebouwd uit 1000 goddelijke dagen. Efeze 4:26 de basis van Gods tijdsrekening (vergeef voordat de zon ondergaat). Één goddelijke dag is een jubelperiode van 49 jaar (7 x 7), wat een goddelijk jaar brengt op exact 49.000 aardse jaren (1000 x 49).
  • Jaar (menselijk): de Bijbel hanteert drie indelingen. Het profetische jaar van 360 dagen (12×30 dagen) vormt de basis in Daniël en Openbaring. Het maanjaar telt 354 dagen met 7 schrikkelmaanden per 19 jaar. Sporadisch geldt het astronomische zonnejaar van 365 dagen.
  • Jaar (symbolisch): 1000 dagen als jaar is geen symboliek, maar een goddelijk raadseltje 🤣😅. De echte symbolische jaren staan opgetekend in Genesis 6:3 en in Daniël 12:4, die weer verwijst naar Jeremia 25. Deze jaren staan voor jubelperioden.
  • Jezus: De zichtbare verschijning van de onzichtbare God in de kosmos. Hij – God – nam deze vorm aan vanwege de opstandelingen in de hemelse gewesten om hen daar al te redden (Openbaring 12:2), lang voordat de aarde bestond.
  • Jubelperioden: 49 jaar (7 x 7). Efeze 4:26 koppelt vergeving (kwijtschelding) aan het niet laten ondergaan van de zon, wat één goddelijke dag gelijkstelt aan een Jubelperiode. Leviticus 25:20-22 bewijst dat de telling doorloopt: het 50e jaar (Jubeljaar) valt samen met het 1e jaar van de nieuwe cyclus.
  • Koninkrijk Gods: het Koninkrijk van God kan pas zo benoemd worden als de eeuwige vrede voor de volle 100% is gewaarborgd. Deze vrede kan uitsluitend gewaarborgd worden door de kennis en de ervaringen van de gevallen engelen, die door de ervaring hebben geleerd dat vrede door de Eerste Liefde wordt gewaarborgd.
  • Kwaad: door God geschapen (Jesaja 45:7) omdat de mens (toen nog goden) moet kunnen kiezen om eeuwige vrede te waarborgen. Uitsluitend door te ervaren wat kwaad betekent, zullen de toekomende hemelbewoners voor altijd kiezen om de liefde te omarmen. Die ene wet der liefde is dan de enige absolute en rechtvaardige wet.
  • Leeftijd aarde: De aarde is exact 269.502.025 jaar oud. Deze goddelijke tijdrekening rust op een vaste formule: de Jubelperiode (49 jaar) × 1.000 jaar (2 Pet. 3:8) × 5.500 jaar conform Evangelie van Nicodemus. De zondeval heeft plaatsgevonden medio september / oktober waardoor het jaar 2026 eigenlijk nog maar net is begonnen.
  • Leiders (Nieuwe Hemel): de niet-gevallen dienstknechten die 'waardig zijn bevonden' (Luc. 20:35, Joh. 17:6). Zij zijn door de hoogmoedigen op aarde vermoord en kennen daardoor het gif van de zonde. Uit die ervaring heersen en dienen zij als de 'uitverkorenen' in het 1000-jarig rijk én in de Nieuwe Hemel. De Nieuwe Aarde blijft Gods raadsbesluit (Hand. 1:7).
  • Lichtengelen: Letterlijk engelen die zich opofferen vanuit het principe: 'heb je naaste lief als jezelf'. Zij incarneren op aarde om de omgeving te bewegen tot liefdedaden. Dit gebeurt veelal via incarnatie in mensen met het syndroom van Down of het Prader-Willi syndroom, omdat hun specifieke aandoening de mensen om hen heen 'dwingt' om pure liefde en zorg te tonen.
  • Liefde: De grenzeloze, goddelijke kracht die alles overheerst. Alles wat een mens bedenken kan over liefde, wordt door Gods Liefde overstegen; zij vergaat nimmermeer (1 Kor. 13). Liefde herstelt, verzorgt en verbindt, zonder te beperken of te vernietigen. Waar de theologie liefde verkleint tot een selectie van vrienden (Matt. 5:46-47), strekt de goddelijke Liefde zich uit naar eenieder om de ziel voor de volle 100% te herstellen in het Vaderhuis.
  • Mens: de woorden ‘goden’ en ‘engelen’ zijn synoniemen voor de mens. Het onmiskenbare bewijs is het scheppingsverhaal in Johannes 1:1-5. Dit gaat 100% over de schepping van de kosmos. Juist door het eenmalige gebruik van het begrip ‘mens’ ontstaat er geen verwarring over de bedoelde context. Helaas wordt de ‘mens’ door de theologie voorgelogen.
  • Naam van God: Totaal onbelangrijk, kijk maar naar Jesaja 9:5. Hier staan allerlei verschillende titels en je mag verzinnen wat je wilt. Het gaat erom dat je met die namen in nederigheid met Hem wilt wandelen, zelfs als je Hem Manitou wilt noemen.
  • Nederigheid: het kenmerk van nederigheid is: heb je naaste lief als jezelf. Hierdoor ontstaat het bewustzijn om de ander te willen helpen en dienen, zonder enige vorm van eigenbelang.
  • Nieuwe Aarde: opnieuw een plaats van verlossing voor de gevallen engelen die in het eerste tijdperk geen nederigheid hebben bewezen, maar hooghartig zijn gebleven. Tijdens de Nieuwe Aarde heerst nog steeds de wet van gerechtigheid in plaats van Gods enige wet der liefde.
  • Nieuwe Hemel: noodzaak door vervuiling door hoogmoed. De Nieuwe Hemel is de plaats voor eeuwige vrede en harmonie waar geen ziekte of strijd meer aanwezig zijn. Hier heerst Gods enige wet: heb God lief boven alles en je naaste als jezelf. Dienen is hier het hoogste goed.
  • Ongelovigen: Net als gelovigen verdeeld in hoogmoedig en nederig. Nederige ongelovigen zijn de 'andere schapen' (Joh. 10:16). Zij sterven fysiek in de Apocalyps na de opstanding van de rechtvaardigen, want omdat ze Jezus/God niet erkennen, moeten ze nog eventjes (1000 menselijke jaren) gereinigd worden.
  • Onheil: De periode van 1260 dagen binnen de eindtijd waarin de vernietiging van de hoogmoedigen plaatsvindt. Dit start na het sterven van de gelovige nederigen (Jesaja 57:1-2), waarna de eerste vier bazuinen de overige nederigen treffen en de wee-bazuinen afrekenen met de hoogmoedigen.
  • Ontelbare Schare: De menigte volgers van Satan en de priesters (Jesaja 43:25-27) die door de engelen bijeen worden gebracht (Strong G1996 – episanagō) uit de vier windstreken van de aarde (Matteüs 24:31). Dit zijn de gelouterde gevallen engelen die hun knie reeds hebben gebogen en minimaal de naaste liefhebben als zichzelf (Openbaring 7:9).
  • Oordeel: de geestelijke mens is veroordeeld om te sterven als een mens. Dit sterven als mens is een les in nederigheid, oftewel: heb je naaste lief als jezelf. Gedurende drie tijdperken zal ieder geestelijk mens zich deze les eigen maken, satan als laatste.
  • Opname lucht: De opname uit 1 Thessalonicenzen 4:17. Geen massale ontvluchting van aardse ellende door duizenden gelovigen, maar de opname van enkele Godsknechten. Doelstelling: uit eigen ervaring in het 1000-jarig rijk kunnen getuigen waarom nederigheid essentieel is – Ezechiël 22:15-16.
  • Opstandingen: vijf verschillende opstandingen in dit tijdperk: 1. Jezus 2. Gerstoogst 3. Tarweoogst 4. Eerste opstanding (Godsknechten) 5. Druivenoogst. Tekstueel uitgewerkt bij de afzonderlijke kernbegrippen. De opstanding van Jezus is het voorbeeld, zoals in alles, en behoeft hier geen nader betoog.
  • Paus: de ultieme belichaming van menselijke hoogmoed binnen een denominatie. Een mens die zichzelf de titel 'plaatsvervanger van God op aarde' toedicht, waarmee hij zichzelf boven zijn naaste én boven de logica verheft. Het is het toppunt van religieus machtsmisbruik en dogma.
  • Predikant: een door een denominatie betaalde functionaris die de goedgekeurde kerkleer en dogma’s verkondigt. In plaats van de volgeling te stimuleren tot zelfstandig, logisch onderzoek, fungeert de predikant als tussenpersoon die de overgeleverde menselijke verzinsels instandhoudt.
  • Profeet / profeten: Er zijn twee soorten profeten: valse profeten en Godsknechten. Valse profeten zeggen dat het vrede zal worden en de echte profeten zeggen dat God dat helemaal niet van plan is op de aarde. Valse profeten hebben een verdienmodel en willen geëerd worden, de echte leven in eenvoud en verdienen geen cent aan Zijn woord.
  • Rechtvaardigen: Combineert nederigheid met geloof — niet met dogmatisch 'weten', maar specifiek met het hooghouden van Gods naam. Vanwege deze trouw staat de deur naar het eeuwig leven voor de rechtvaardige wijd open (Openb. 3:7-8), in tegenstelling tot de verkondigers van een dogma (Mattheüs 7:23).
  • Reïncarnatie: een onjuist, buitenbijbels concept gebaseerd op het idee van zielsverhuizing. In werkelijkheid bestaat er geen herhaaldelijke zielsverhuizing van mens naar mens. De verwarring ontstaat doordat het atomaire stof wel een lange keten van downcycling doorloopt (van plant en dier tot de uiteindelijke eenmalige menselijke gestalte), maar de menselijke geest leeft eenmalig in een tijdperk en doorloopt zijn verdere herstel via de vastgestelde opstandingen.
  • Reinigen: Het louteringsproces (Zach. 13:9) door vuur en zwavel; iedere gevallen engel wordt gered in een tijdperk. Vuur (🔥 Strong G4442) en zwavel hebben een natuurlijke én geestelijke zuiverende werking. Specifiek de theologie ontkent dit, daarom noemt Jezus de theologen ook addergebroed.
  • Religie: een veelheid aan menselijke verzinsels over het leven in het verleden, heden en de toekomst, al dan niet met goden, één God of meerdere levens. Het veroorzaakt een uitermate grote verdeeldheid — wat exact overeenkomt met de woorden van Jezus over de verdeeldheid die zou ontstaan.
  • Satan: de eerste gevallen engel is de laatste die terugkeert in het hemelse Vaderhuis. Juist door zijn ervaringen zal hij – mijnsinziens – weer één van de leiders van het hemelse godsvolk worden.
  • Schriftgeleerde: een bijbelgeleerde die de teksten slechts selectief als 'waarheid' beschouwt om de eigen dogmatiek te dienen. Een klasse van experts die door Jezus niet voor niets fel werd veroordeeld en de naam 'addergebroed' kreeg toegedicht.
  • Tarweoogst (Exodus 34:22 / Ezechiël 37:11-12), de massale hoofdoogst van het land. Dit is de nabije opstanding van het 'dal van de dorre beenderen': de ontelbare schare mensen die nederigheid hebben gecombineerd met geloof en zo mogen opstaan.
  • Tijdperken: Perioden waarin gevallen engelen hun knieën buigen en dorre beenderen weer levend worden. Tijdperk 1 sluit af met het 1000-jarig rijk. Tijdperk 2 en 3 zijn opeenvolgende Nieuwe Aarden (Hos. 6:2, Matt. 12:32, Job 33:28-30). Jezus’ dood verbeeldt de symboliek van deze tijdperken.
  • Tweede dood: de tweede dood is het moment dat de ziel bij de opstanding niet naar het Hemelrijk mag gaan en opnieuw tot atomair stof wordt veroordeeld. Met als gevolg dat deze ziel tijdens de Nieuwe Aarde moet reïncarneren om het proces downcycling opnieuw te moeten doormaken om de les van nederigheid te leren.
  • Tweede uitverkoren volk: de N.A.K. claimde vanaf 1830 exclusief de letterlijke 144.000 eerstelingen te zijn. Toen het ledental ontplofte (nu 11 miljoen), boog Fehr dit in 1991 stiekem om naar symboliek, in 2012 onthuld door Leber. Zo verkwanselde deze kerkelijke hoogmoed haar eigen eerstelingsschap.
  • Uitverkorenen: De toekomstige leiders van het hemelse rijk. Dit zijn letterlijk geselecteerde zielen—de profeten, de apostelen en de getrouwe Godsknechten uit deze tijd (Openbaring 6:9-11). Zij krijgen in de Nieuwe Hemel een heel bijzondere, specifieke bestuursfunctie en zijn dus een aparte categorie binnen de oogst. Zie het dankgebed van Jezus: Johannes 17:6 en 9.
  • Uitverkoren volk: Geen kerkelijke club die de post-, mid-, of pre-tribulation verwacht. De opname in de lucht betreft maar enkele personen (Ezechiël 12:15-16) en de 144.000 eerstelingen zijn letterlijk de zwervers in het aardse bestaan (Lucas 14:13).
  • Vagevuur: Het Vagevuur wordt niet rechtstreeks benoemd, maar wel omschreven in 1 Korinthe 3:11-15 en in Zacharia 13:9 is de loutering van het goud, zilver, hout, hooi en stro. Deze loutering gaat in de Hemelse gewesten verder, want velen zijn gered door het vuur heen.
  • Valse Profeet: De schriftgeleerden en predikanten (de wrede wolf uit het midden van de gemeente – Handelingen 20:28) die voor geldelijke beloning de gemeente van binnenuit misleidt met een incompleet en gemanipuleerd boek, en valse vrede verkondigen. Zie ook: antichrist.
  • Verdrukking (Belofte aan Abraham): 400 jaar, van de geboorte van Izaäk tot de Exodus. Izaäk werd 180 jaar oud en stierf 10 jaar voordat Israël naar Egypte ging, alwaar het volk Israël 210 jaar verbleef, conform de exacte bijbelse-chronologie. 
  • Verdrukkingstijd: De misleidende en on-schriftuurlijke term die door de theologie wordt gebruikt voor de periode van de eindtijd. In de Bijbeltekst bestaat een 'verdrukkingstijd' als een op zichzelf staand profetisch tijdperk niet; het betreft de strakke chronologische keten van de 1290 dagen, onderverdeeld in de eerste 30 dagen (het sterven van de gelovige nederigen) en de 1260 dagen van het feitelijke ónheil.
  • Volmaaktheid / volmaakt: De Allerhoogste is volmaakt, juist daardoor is Hij onzichtbaar. Hij vraagt van de mens geen volmaaktheid, dat blijkt ook uit het Jubeljaar, het jaar van vergeving. God vraagt om liefde die alles bedekt en vergeeft: het uit vrije wil wíllen dienen, dat is de volmaaktheid die God zoekt.
  • Vrede (aarde): de aarde zal nooit vrede kennen (Ezechiël 13:10), de aarde is de plaats om te leren en te ervaren wat liefdeloosheid is. Deze ervaring garandeert eeuwige vrede in de kosmos.
  • Vrede (kosmos): de uiteindelijke doelstelling voor iedereen, de schepping is pas af als iedereen de ander lief heeft als zichzelf en God boven alles.
  • Vrede en Veiligheid: de roep van vrede en veiligheid is niet van God afkomstig, want dat is Hij helemaal niet van plan (HTB-bijbel Ezechiël 13:10). Zodra deze kreet ‘vrede en veiligheid’ klinkt, dan is dat het teken voor Gods grote dag (Openbaring 16:14) en is deze roep het begin van de Eindtijd. 
  • Vrije wil: het door God gegeven vermogen om eigen keuzes te maken, gestoeld op ervaring. Door in het aardse leven de uiterste consequentie van liefdeloosheid ("eten en gegeten worden") te ervaren, leert het schepsel uiteindelijk uit eigen beweging te kiezen voor de weg van nederigheid en eeuwige vrede.
  • Vrouw: de symboliek voor Gods gemeente. Openbaring 12:1 de kosmische oorsprong van de gemeente. 1 Korinthe 5 (en Hand. 20:28) de gemeente die van binnenuit misleid wordt door de predikanten. Openbaring 12:6 het begin van de sterfelijke mens in het 1000-jarig rijk 👉 1 of 2 koppels. 
  • Vuur: etymologisch (Sanskriet/Grieks pur) staat vuur voor reinigen en louteren, niet voor martelen. Het breekt de hoogmoed en verbrandt 'hout, hooi en stro' (1 Kor 3:11-15). Zacharia 13:9 bevestigt dit: het vuur loutert als zilver. Ten derde dage wordt ook het gezuiverde kaf nederig; het vuur herstelt door ontleding.
  • Wachters: Dit begrip komt niet voor in de bijbel, maar is bekend uit het Boek van Henoch. In de basis is een wachter een engel met de taak te rapporteren wat de sterfelijke mens doet. Deze taak staat niet in de bijbel, maar is nog steeds een feit, God is consequent en legt dit duidelijker uit in de Openbaring van Paulus.
  • Wederkomst: er zijn drie wederkomsten. 1. In de wolken 👉 Openbaring 14:13-14 Gelukkig zijn de doden die sterven. 2. In de lucht 👉 Ezechiël 12:15-16 Enkele overlevenden met een doelstelling. 3. Op de aarde 👉 Openbaring 20:4-6 Het begin van het 1000-jarig rijk.
  • Wet, gij zult niet doden (Ex. 20:13): één grote zekerheid: God houdt Zich aan Zijn eigen wetgeving. De eindeloze hel is dus een theologische leugen. Geestelijk dood gaat niet verder dan het atomaire stof. Het is de liefde die het atomaire stof, de dorre beenderen (Ez. 37), weer voor de volle 100% terug laat komen in het Vaderhuis.
  • Woningen: De leerscholen in het heelal (Johannes 14:2). De aarde is de kleuterschool. De zichtbare sterren en planeten zijn de vervolgopleidingen voor wie na de vuurtest (1 Kor. 3:15) de basisles van liefde opnieuw moet leren. De hoogste in het rijk Gods zal aller dienaar zijn: Matt. 23:11. 
  • Zegels: De zeven fasen (Op. 5-8) die Gods plan verwoorden in vier delen: 1. Kosmisch (zegel 1-2: Jezus en Satan); 2. Gewogen eerstelingen (zegel 3: zwervers, Lucas 14:13); 3. Opstanding van de rechtvaardigen/ontelbare schare (zegel 5); 4. De eindtijd (zegel 4, 6-7: apocalyps en bazuinen).
  • Ziel: de geestelijke unieke persoonlijkheid van het wezen door God of Satan geschapen. 
  • Zonde: De enige onvergeeflijke zonde is hoogmoed: de Zonde tegen de Heilige Geest (Matt. 12:31-32). Dit is de bronzonde van het eerste uur die het derde deel van de engelen heeft vergiftigd. Door hun hoogmoed zijn zij in de aarde geworpen en verworden tot het atomaire stof (grondtaal Gen. 1:2), om te ervaren wat hun ego teweegbrengt.
  • Zondeval: De door hoogmoed ingegeven wil om gelijk te willen worden aan God. Deze zonde tegen de Heilige Geest, verricht door de Satan (één man: Rom. 5:19), kan niet vergeven worden. Dit wordt vergeven als de knie vrijwillig wordt gebogen tijdens het derde tijdperk. 
  • Zwavel: etymologisch afgeleid van het Griekse theion ('goddelijke substantie'). Zwavel dient in de natuur én de geneeskunde als middel om te ontsmetten, te reinigen en te helen, niet om te martelen. Waar dogmatiek er een angstig symbool van maakt, is het in werkelijkheid het middel dat zuivert en herstelt.
  • Zwervers: door de maatschappij én de religie uitgekotst, maar God is genadig voor de nederigen. De nederigste onder de nederigen zijn de zwervers. De nederigste zwervers, ongelovig en gelovig, vormen de 144.000 eerstelingen. Jezus doet wat Hij zegt: Lucas 14:13

De grondtaal corrigeert de theologische wanorde

De grondtaal laat overduidelijk zien in hoeverre de theologie de bijbel heeft verkracht. Excusé voor deze term, maar het is niet anders. Door de bijbel aan de hand van de grondtekst te controleren, de juiste verklaring toe te passen en de causale verbanden — ook met de apocriefe geschriften — inzichtelijk te maken, ontstaat er een beeld dat de liefdeloosheid van de theologie omverramt.

God is liefde. Hij herstelt wat stuk is gegaan door de hoogmoed van één man – Heis (Strong’s G1520: één) en Anthrōpos (Strong’s G444: man): de Morgenster van weleer, ook wel Satan genoemd. Gods liefde gaat zover dat ook deze verleider van het eerste uur zijn knie zal buigen en uiteindelijk weer welkom is in het Vaderhuis, de Nieuwe Hemel.

Bekeren (Het woord bekeren komt in de bijbel heel vaak voor) Metanoeō (Strong’s G3340: anders gaan denken) en Shuv / Sjoev (Strong’s H7725: omkeren, terugkeren). Dit moet gelezen worden als: nederig worden, in overeenstemming met Jacobus 4:6, 1 Petrus 5:5 en Micha 6:8.

  • Genesis 1:1 (God schiep hemel en aarde) Hemel (Strong’s H8064): de zichtbare lucht met wolken, de dampkring. Aarde (H776): de fysieke grond onder onze voeten.
  • Genesis 1:2 (De aarde was woest en ledig) Tohu wa-bohu – Strongs H8414 / H922: vormloos door ijdelheid/hoogmoed Dit bevestigt dat de materiële aarde is ontstaan als een gevangenis vanwege kosmische ijdelheid/hoogmoed.
  • Job 33:28 (De kuil / Het graf) Shachath (Strong’s H7845): de kuil of ontbinding; de materiële gevangenis waaruit de ziel 2 tot 3 maal wordt teruggehaald.
  • Job 33:30 (Licht des levens) Or (H216) + Chay (H2416): tweemaal, driemaal tot het levenslicht komen in een sterfelijk lichaam om nederigheid te betrachten. 
  • Jesaja 14:12 (Morgenster / Lucifer) Heylel (Strong’s H1966) de glanzende, lichtdrager, afgeleid van Halal (zichzelf roemen, hoogmoedig zijn).
  • Jesaja 24:21-22 (Straffen van de legerscharen) Paqad (Strong’s H6485: bezoeken, ter verantwoording roepen) / Aser (H631: binden, opsluiten) gevallen engelen opsluiten in de gevangenis. Na vele dagen volgt hun visitatie/herstelmogelijkheid tijdens de Nieuwe Aarde.
  • Jesaja 45:7 (Ik maak de vrede en schep het kwaad) Ra' (Strong’s H7451) kwaad, ellende, tegenspoed. God heeft dit zelf ontworpen om de vrije wil mogelijk te maken.
  • Jesaja 46:9-10 (Die van het begin af de afloop verkondigt) Resjith (Strong’s H7225: begin, primair punt, het allereerste). Nog vóór de allereerste creatie of scheppingsdaad was het volledige Plan tot in het eindresultaat al volkomen klaar en vastgelegd.
  • Jesaja 55:12 (In vreugde zult gij uittrekken en in vrede geleid worden) Sjaloem (Strong’s H7965: heelheid, vrede, veiligheid) alomvattende kosmische harmonie die de onwankelbare eindbestemming vormt van het Plan.
  • Daniël 7:25 (Slijten van de heiligen / Gegeven in zijn hand) Bela (Strong’s H1080: slijten, uitputten) / Qaddisj (H6922: heiligen). GRONDTAAL: En hij zal spreken Geweldig woorden tegen de Allerhoogste, En zal slijten de heiligen van de Allerhoogste, en denk veranderen tijden en wetten: en hun zal gegeven worden in zijn hand tot een tijd en tijden en de verdeling van tijd.:  
    • Voor de dubbele punt: de Godsknechten zullen worden vermoord in de verdrukkingstijd (Openbaring 6:9-11), daarna gaat het over de vrouw uit Openbaring 12:6, 1 of 2 koppels, de eerste mensen voor het 1000-jarig rijk.
  • Daniël 8:14 (Het heiligdom in ere worden hersteld) Tsadaq (Strong’s H6663: rechtvaardigen, reinigen). Een object als het heiligdom kan niet worden gerechtvaardigd, maar wel gereinigd: na exact 2300 dagen (vanaf de Covid-19 registratie op 16-12-2019 tot Goede Vrijdag 3-4-2026) vindt de daadwerkelijke reiniging plaats.
  • Daniël 12:4 (Velen zullen onderzoek doen en de kennis zal vermeerderd worden) Sjut (Strong’s H7751: doelloos heen en weer rennen). Het doelloos rondrennen van de massa door de misleiding van het systeem; voor de verdieping op het vinden van de smalle weg, zie Mattheüs 7:14.
  • Micha 6:8 (Nederig wandelen met uw God) Tsana (Strong’s H6865: nederig, ootmoedig, bescheiden). Niet een aangeboren vroomheid, maar het bewust en nederig buigen dat men pas leert door schade en schande na het vastlopen in de wet van het vlees.
  • Mattheüs 3:2 (Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen) Metanoeo (Strong’s G3340: anders gaan denken). De enig juiste vertaling is: wordt nederig, want het Koninkrijk Gods is nabij gekomen. Hoogmoedigen zijn niet welkom. 
  • Mattheüs 7:14 Nauw is de poort naar het leven, en smal de weg ernaartoe, en slechts weinigen weten die te vinden. De theologie benadrukt 👉 dé manipulatie: slechts weinigen 👉 dus: hel en verdoemenis. De juiste vertaling vanuit de grondtaal: Moeilijk is de weg die naar het – kosmische – leven leidt, en er zijn er maar weinig die Hem vinden.
    • Gods genade is groot voor de nederigen, ze hoeven Hem niet te vinden, de nederigheid opent de deur – Openbaring 3:7-8.
  • Mattheüs 12:32 (Zonde tegen de Heilige Geest, wordt niet vergeven in deze wereld en ook niet in de toekomende) Aiōn (Strong’s G165) betekent: tijdperk, dus er is pas vergeving in het derde tijdperk. Dat is het tijdperk dat ook Satan zijn knie zal buigen, het voorbeeld van de zonde tegen de Heilige Geest, net als de katholieke paus.
  • Mattheüs 24:31 (Uitverkorenen bijeenbrengen) Episynago (Strong’s G1996: toevoegen, aansluiten bij een reeds bestaande groep). Het gaat om het toevoegen van mensen aan de ontelbare schare. Het ingevoegde woord 'uitverkorenen' is een theologische leugen om een exclusieve elite te suggereren.
  • Lukas 3:16 (Dopen met de Heilige Geest en vuur) Pyr (Strong’s G4442: Πῦρ, genitief πυρός, τό; verwant aan het Sanskriet pu, 'zuiveren'). Reinigen met vuur: de menselijke hoogmoed wordt eruit gebrand door het lijden op aarde.
  • Lukas 12:1 & 17:37 (Bijeenbrengen van de massa) Episynagō (Strong’s G1996: bijeenbrengen, samenvoegen). De teksten verwijzen naar het verzamelen van één en dezelfde groep: de ontelbare schare van gelovige, nederige zielen die al vanaf het allereerste begin van de aardse schepping wordt gevormd.
  • Johannes 1:1-3 (In den beginne was het Woord) Archē (Strong’s G746: het begin): er was nog niets, behalve het woord, in aansluiting op Jesaja 46:10 (het plan van God) en het scheppen van goed en kwaad (Jesaja 45:7).
  • Romeinen 5:12 (door één mens de zonde in de wereld)  Heis (Strong’s G1520): één  Anthrōpos (Strong’s G444): man. Dus: Zondeval van de mens veroorzaakt door (dia, G1223) één man.
  • Romeinen 5:19 (de ongehoorzaamheid van één mens) Heis (Strong’s G1520: één) en Anthrōpos (Strong’s G444: man) Zondeval van de mens veroorzaakt door één man.
  • 1 Korintiërs 15:22 & 28 – Pantes (Allemaal / Alles in allen). De tekst: "Want zoals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden... opdat God zij alles in allen." Strong’s: Pantes (Strong’s G3956: πάντες) & Ta panta en pasin (τὰ πάντα ἐν πᾶσιν). De feitelijke analyse: Het Griekse woord pantes heeft in beide helften van vers 22 exact dezelfde reikwijdte. Als "allen" in Adam iedereen betekent (wat niemand ontkent), dan betekent "allen" in Christus grammaticaal en mathematisch exact dezelfde groep: iedereen. God wordt niet "alles in een paar", maar alles in allen.
  • Philippenzen 2:10-11 – Exomologeō (Vrijwillige, hartelijke belijdenis) De tekst: "Opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie... en elke tong zou belijden dat Jezus Christus Heere is..." Strong’s: Exomologeō (Strong’s G1843: ἐξομολογέω) De feitelijke analyse: Thelogen maken hiervan vaak "tandenknarsend buigen onder dwang". Maar exomologeō (opgebouwd uit ek = uit het hart + homologeō = instemmen/belijden) betekent in de grondtekst openlijk en met blijdschap prijzen/danken. Iedereen doet dit dus vanuit een veranderd hart, niet onder mechanische dwang.
  • Kolossenzen 1:20 (door Hem alle dingen* met Zich te verzoenen** en … op de aarde als voor hen die in de hemelen zijn). * Alle dingen G 3956 Πάντα Πᾶς Pas alle (748x), alle dingen (170x) –> Herstel van álles, **Strong’s G0604 – Apokatallasso. **Om volledig te verzoenen / een vroegere staat van harmonie herstellen.
  • 1 Timotheüs 6:14 (tot aan de openbaring* van onze Here Jezus Christus) Epiphaneia – Strongs G2015: Verschijning (fysiek) van Jezus 👉 de wederkomst in de wolken 
  • Openbaring 2:4-5 (Bedenk van welke hoogte u bent gevallen) Proten agapen (Strong’s G4413/G26). De hoogte is de kosmos: de mens is een gevallen engel.
  • Openbaring 5:11 (Hun aantal was tienduizenden tienduizendtallen en duizenden duizendtallen) Myrias (Strong’s G3461: tienduizend, ontelbare menigte). Met de berekening 10.000 x 10.000 x 1.000 = 100 miljard (en daar een veelvoud van) duidt de grondtekst op de omvang van de ontelbare schare, verre van een beperkte selectie.
  • Openbaring 6:8 (Doden met het zwaard en met de honger en met de dood en door de wilde dieren) Thērion (Strong’s G2342: wild dier, beest). Met 'wilde dieren' wordt in de grondtekst een metafoor gebruikt voor 'menselijke wilde beesten'.
  • Openbaring 12:9 (De verdrijving van de draak uit de kosmos) Oikoumenē (Strong’s G3625: wereld, synoniem voor kosmos) en Eis tēn gēn (Strong’s G1519 / G1093: naar binnen de aarde). De chronologie in de grondtekst is feitelijk: hij misleidt eerst de gehele bewoonde wereld (oikoumenē), waarna hij en zijn engelen worden geworpen naar binnen de aarde (eis tēn gēn).
  • Openbaring 12:9 (Geworpen op de aarde) Eis (Strong’s G1519: naar binnen, in) en Gē (Strong’s G1093: aarde, land). De letterlijke grondtekst luidt niet 'op' de aarde, maar naar binnen de aarde.