De historische geschiedenis van Jezus

Voor de historische geschiedenis van Jezus moeten we zoeken in de oude archieven van de Romeinse geschiedenis. Er zijn diverse geschiedschrijvers van toen waar de aantekeningen zeer goed van zijn bewaard. Behalve Tertullianus waren er vier schrijvers tijdgenoten van de apostelen. Allemaal getuigen ze van historische feiten die ook in de bijbel worden aangehaald. 

  • Flavius Josephus. (ca. 37 - 100 n.Chr.)  De werken van Flavius gebundeld in één PDF, de Joodse geschiedenis vanuit Romeins gezichtspunt. 
  • Cornelius Tacitus (ca. 56 – 120 n.Chr.)
  • Gaius Suetonius Tranquillus (ca. 70 – 130 n.Chr.)
  • Tertullianus (ca. 160 – ca. 230), zie de pagina: Geboorte van Jezus.
  • Cornelius de Romeinse hoofdman (Handelingen 10:1) vertelt meer over Jezus dan dat er in de bijbel staat. Zie de downloads.  

Gaius Suetonius Tranquillus: De Vita Caesarum – Boek V: Divus Claudius, Paragraaf 25.4

Inleiding: Dit document bevat de beroemde passage uit het werk van de Romeinse geschiedschrijver

Suetonius (ca. 69–122 n.Chr.). In zijn biografie over keizer Claudius beschrijft hij de verbanning van Joden uit Rome rond het jaar 49 n.Chr. Deze passage is historisch van groot belang omdat veel onderzoekers ‘Chrestus’ interpreteren als een vroege Romeinse verschrijving of verwijzing naar Jezus Christus en de onrust tussen vroege christenen en Orthodoxe Joden.

Originele Latijnse tekst (25.4): “Iudaeos impulsore Chresto assidue tumultuantis Roma expulit.”

Nederlandse vertaling: “Omdat de Joden in Rome voortdurend onrust veroorzaakten op instigatie van ene Chrestus, verdreef hij hen uit de stad.”

Historische Context & Analyse

  1. De betekenis van ‘Chrestus’: De naam Chrestus (de Bruikbare/Goede) was een veelvoorkomende slavennaam in het Romeinse Rijk. Omdat Griekstalige namen vaak fonetisch werden overgenomen in het Latijn, is de heersende wetenschappelijke consensus dat Suetonius de naam verwarde met Christus (de Gezalfde). De Romeinse autoriteiten begrepen destijds de interne theologische nuances tussen Joden en de vroege volgelingen van Jezus vaak nog niet en zagen het als één Joodse groepering.
  2. Link met andere bronnen: Deze verbanning door keizer Claudius wordt ook in de Bijbel genoemd, specifiek in Handelingen 18:2, waar staat dat Paulus in Korinthe een Joods echtpaar (Aquila en Priscilla) ontmoet dat kort tevreden uit Italië was gevlucht omdat Claudius had bevolen dat alle Joden Rome moesten verlaten.

Flavius Josephus. Het 18e boek, hoofdstuk 4

772 Te die tijde was er een zekere Jesus, een wijs mens, indien men hem althans een mens noemen mag; want zijn werken waren wonderbaar. Hij onderwees degenen, die gaarne in de waarheid onderricht wilden worden, hij werd gevolgd niet alleen door veel Joden, maar ook door veel heidenen. Deze was de CHRISTUS, die door de oversten onzes volks bij Pilatus aangeklaagd en op zijn bevel gekruisigd werd.

Tertullianus onderscheidde zich, want hij was iemand die de geschriften met elkaar verbond en schreef dus niet alleen maar over hetgeen wat er in zijn dagen gebeurde. De predikant Stephen Jones dateert de geboorte van Jezus op 29 september 2 v.Chr. op basis van Tertullianus en de conjunctuur van de planeten en maansverduisteringen. 

Naast de Romeinse geschiedschrijving is ook de conjunctuur van de planeten en de zon- en maansverduisteringen zeer interessant om deze te plaatsen in de toenmalige tijden. Volgens de geschiedschrijving en de planeten is Jezus eind september 2 v.Chr. geboren, maar is dat 100% zeker? 

Waarom moest Jezus sterven aan het kruis?

1. Het ultieme voorbeeld van nederigheid en dienen

God wilde de mensheid (de gevallen engelen) laten zien dat de weg terug naar het Vaderhuis niet via macht, dwang of heerschappij loopt, maar via dienstbaarheid en nederigheid. Jezus ging tot het alleruiterste: de onderste weg, gehoorzaam tot in de dood. Hij liet zien dat Liefde bereid is alles te verdragen en op te offeren zonder terug te slaan.

2. Het verbreken van de dwang van het kwaad (Het Tweede Verbond)

Door Vrijwillig de dood in te stappen en géén weerstand te bieden tegen het kwaad, ontmaskerde Hij de macht van de wereld. Hij liet zien dat het fysieke lichaam (de atomaire gevangenis) wel gedood kan worden, maar de Geest niet. Hiermee vestigde Hij het Tweede Verbond en baande Hij de weg voor de ziel om uit de kuil en het graf op te staan.

3. De overwinning op "de laatste vijand"

Jezus moest de fysieke dood aan den lijve doormaken om die van binnenuit te overwinnen (de opstanding). Zoals we eerder zagen: zodra de laatste vijand, de dood, is onttroond, zal alles aan God worden onderworpen. Dat proces begon fysiek aan het kruis.

De dood aan het kruis, het ultieme voorbeeld van nederigheid

Het sterven aan het kruis was geen tragisch ongeval of een vereffening van een bloedschuld aan een toornige God. Het was het ultieme en volmaakte voorbeeld van de onderste weg.
God wilde aan de gevallen mensheid laten zien dat het herstel van de kosmos niet plaatsvindt door macht, dwang of heerschappij, maar uitsluitend door nederigheid en dienen uit liefde. Door vrijwillig de zwaarste straf van de Romeinse wereld te ondergaan zonder haat of verweer, baande Jezus de weg door de dood heen. Hij liet zien dat de liefde van God sterker is dan de atomaire gevangenis en de fysieke dood. Het kruis is de praktische demonstratie van het Tweede Verbond: dienen tot het uiterste.

Kun je een goed mens of christen zijn zonder in Jezus te geloven?

Ja, geloof in Jezus is niet noodzakelijk, maar het heeft wel een pre. De kern van redding is namelijk niet het geloven in Jezus of een religieus etiket, maar de innerlijke houding van nederigheid. Zoals geschreven staat in Jacobus 4:6 en 1 Petrus 5:5: "God weerstaat de hoogmoedigen, maar de nederigen geeft Hij genade."

Wie het voorbeeld van Jezus kent en volgt, heeft een voorsprong omdat hij of zij Gods naam in nederigheid hooghoudt – Openbaring 3:7-8. God kijkt niet naar kerkelijke stempels; Hij kijkt naar de staat van het hart en de daden.

In 1 Timotheüs 4:10 staat uitdrukkelijk dat de levende God "een Behouder is van alle mensen, in het bijzonder van de gelovigen". Gods Plan is niet gericht op vernietiging, maar op herstel van de gevallen kosmische mensheid. Zoals Petrus bevestigt in 2 Petrus 3:9, is God geduldig en "wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen".

Wat God werkelijk van de mens vraagt, brengt de profeet Micha terug tot de absolute essentie: "Er is u, mens, bekendgemaakt wat goed is en wat de HEERE van u vraagt: niets anders dan recht te doen, goedertierenheid lief te hebben en ootmoedig te wandelen met uw God" (Micha 6:8).

Wanneer aan het einde de boeken worden geopend (Openbaring 20:12), worden de doden geoordeeld naar hun werken — naar wat zij in de praktijk vanuit liefde en nederigheid hebben opgebouwd. Paulus legt in 1 Korinthe 3:11-15 uit hoe dat louteringsproces werkt: ieders werk wordt door het vuur beproefd. Als iemands werk verbrandt omdat het uit hoogmoed of liefdeloosheid is gebouwd, zal hij schade lijden, maar de mens zelf "zal behouden worden, doch zo als door vuur heen".

Dit louteringsproces en het uiteindelijke herstel van alle zielen beslaat de drie opeenvolgende tijdperken van Gods Plan (zie de uitwerking op de homepage). God geeft ieder mens de tijd en de leerschool die nodig zijn om de hoogmoed af te leggen en uit volkomen vrije wil in nederigheid met Hem te wandelen.